BIBLIOGRAPHIE SUR LES JEUX TRADITIONNELS, BELGIQUE

 

Général

 

Bijnens B, 1975, De huidige volksspelen in Frans-Vlaanderen, Frans-Vlaams Jaarboekje 8: 80-119.

Botermans J; Visser N; Burett T, 1991, Timpen, hinkelen en pierebollen, spelen in de Lage Landen, Houten: Unieboek, 120 p.

Broeckhove M, 1954, De levende folklore van het Gewest Balegem, IV. De Volksvermaken, Oostvlaamse Zanten 29: 55-62, 119-129.

De Vroede E; Bogaert G, 1994, Volkssporten in Wallonië - "Les jeux traditionnels en Wallonie, Sport (Brussel: Adeps), 37(2): 95 –102.

Jespers J; De Meyer H, De Schepper P, Schwartz C, Vanhaeren N, 1982, Volkssporten spelen: speltradities uit eigen streek (Serie der Vlaamse Volkssport Dossiers 5), Brussel: Bloso, 87 p.

Pinon R, 1984, Les jeux populaires en Wallonie: concepts fondamentaux, méthodes d'études et problèmes de la recherche, La Vie Wallonie 58: 8-27.

Renson R; Smulders H, 1981, Research methods and development of the Flemish Folk Games File, International Review of Sport Sociology 1: 97-107.

De Vroede E, 1996, Het grote volkssporten boek, Leuven: Davidsfonds, 120 p

Hasquin R, 1961, Les passe-temps d’hier et d’aujourd’hui, Charleroi: Heraldy, 101 p.

Jeux, 1927, Jeux et sports, Enquêtes du musée de la vie wallonne 4(15-16): 112-124.

Lindemans J, 1946, Fêtes et jeux de Flandre et de Wallonnie, Courtrai: Vermouth, 31 p.

Ravez W, 1949, Le folklore de Tournai et du Tournaisis, Tournai-Paris: Castermans, 506 p.

Renson R; De Cramer E; De Vroede E, 1997, Local heroes: beyond the stereotype of the participants in traditional games, International Review for the Sociology of Sport 32(1): 59-68.

Renson R; Smulders H, 1982, Schets van de belangrijkste volkssporttypes in Vlaanderen, in Laenen M; Renson R; Smulders H, , Reizende tentoonstelling volkssporten in Vlaanderen, s.l.: BLOSO, 15-44.

Rousseau F, 1970, Jeux et sports nautiques à Namur, Guetteur wallon (1): 1-30.

Smulders H, 1982, Typologie en spreidingspatronen van de volkssporten in Vlaanderen, 252 + 107 p. (Leuven: KULeuven; doctoraatsproefschrift lichamelijke opleiding).

Sports, 1982, Sports et jeux populaires namurois, Namur: Credit Communal, 142 p.

Verhaegen V, 1929-1930, De Vlaamsche Volksspelen, Volkskunde 34: 52-71, 150-161; 35: 47-54; 116-131.

 

 

Jeux de balles

De Borger D, 1981, De kaatssport in Vlaanderen (serie der Vlaamse Volkssport Dossiers 2), Brussel: BLOSO, 128 p.

Desees J, 1967, Les jeux sportifs de pelote-paume en Belgique du 14e au 19 siècle. Aperçus historique, récits anecdotiques, évolutions, Bruxelles: Imprimerie du Centenaire, 206 p.

Desees J, 1971, Petite chronique illustrée des jeux de balle belges pendant les années de guèrre, 1914-1918 : sport, divertissement, philantropie, Bruxelles: Imprimerie du Centenaire, 120 p.

Raes D, 1968, Het kaatsspel in ons land, Oostvlaamse Zanten 43: 137-152.

Van Damme R, s.a., Kom kaatsen kun je ook leren: inleidende begrippen voor het aanleren van de kaatssport, Brussel, BLOSO, z.p.

 

 

Jeux de boules/jeux de quilles

 

Algrain C, 1980, Pour que vive le bon vieux sport de la crosse, Bruxelles: Credit Communal de Belgique, 16 p.

De Keyser P, 1944, De schuiftafel, Volkskunde 46: 328-337.

De Vroede E, 1996, Ball and bowlgames in the Low Countries: past and present, Homo Ludens 6: 39-78.

De Vroede E, 1989, De schuiftafel, Nieuwsbrief van de Vlaamse Volkssport Centrale 9: 18-21.

De Vroede E, 1989, De zot passeren: pierbol, Nieuwsbrief van de Vlaamse Volkssport Centrale 9: 2-6.

Degezelle L; Vlieghe R, 1997, Bolderslatijn, Kortrijk: Drukkerij Groeninge, 155 p.

Dewilde B, 1974, Het zottebollespel in Kortrijk en omgeving, De Leiegouw 16(3-4): 361-373.

Pieters J, 1954, Een vrijblijvend volksspel. Het Pieren, Oostvlaamse Zanten 29: 165-178.

Sjoelen, 1988, Sjoelen: een oud spel, een nieuwe sport, Haarlem: De Vrieseborch, 64 p.

Van Der Linden R, 1966, Het bolspel in Vlaanderen vroeger en nu, s.l.: Koninklijke Bond der Oostvlaamse Volkskundigen, 272 p.

Van Wilderode H, 1982, Bolspelen in Oost-Vlaanderen (Serie der Vlaamse Volkssport Dossiers 4), Brussel: BLOSO, 131 p.

Vanderghote P, 1979, Bolspelen in West-Vlaanderen (Serie der Vlaamse Volkssport Dossiers 4), Brussel: BLOSO, 156 p.

Vervaeke G, 2002, Het West-Vlaams trabolspel: mijn passie, Izegem: Vervaeke G, 225 p.

 

 

jeux d’animaux

 

Broeckhove M, 1969, De vinkensport in Vlaanderen (Uitgaven van het Alfons De Cockfonds 10), Gent: Koninklijke Bond der Oostvlaamse Volkskundigen, 163 p.

Desmet J, 1995, Dieren in sport en spel, Brussel: Artis-Historia, 128 p.

De Vroede E, 1991, Menschen spielen mit Tieren : Ganswurf, Gansritt, Hahnenschlagen, in Becker S; Bimmer C; Mensch und Tier: Kulturwissen­schaftliche Aspekte einer Sozialbeziehung (Hessische Blätter für Volkskunde und Kulturforschung - Neue folge der Hessischen Blätter für Volkskunde 27), p. 61-81.

Ooghe D, 2004, Zonnebeekse vinkeniersverenigingen medeorganisator van het Belgisch Kampioenschap in 2004, Het Zonneheem 33: 2-27.

Santens F, 1995, Hinke de vinke : 400 jaar vinkensport in Vlaanderen, 60 jaar A.V.I.B.O., Vichte: Vanoverbeke, 703 p.

 

 

jeux de lancer

 

Beinst R, 1992, Kalleke‑schiet, Heemkringblad (Aartselaar), 12(3):103‑110.

De Vroede E, 1987, De pudebak: spel zonder grenzen, Nieuwsbrief van de Vlaamse Volkssport Centrale 7: 2-3.

Durnez J, 1983, Meetschieten, Asse: s.n., 32 p.

Eylenbosch B, Folkloristische volks- en caféspelen uit het Pajottenland: het eggeschieten en andere schiet- en werpspelen, Brabant, 1981, (6), 48-50.

Honderdjarig, 1958, Honderdjarig bestaan van het struifvogelspel, 1858-1958, De Brug 8: 21-27.

Meulemans A, 1977, Het struifspel te Leuven, Volkskunde 78: 10-32.

Morren R, 1951, Het struifspel te Tienen, Eigen Schoon en de Brabander 34(1-2): 42-45.

Rossey R, 1964, De javelot: een eigenaardig volksspel te Wijtschate, Bachten de Kupe 6: 102-106.

Verstreken F, 1973, Struisvogels en struifvogels, Ons Heem 27: 110-115.

Verstreken F, 1973, Via Timmermans naar het struifvogelspel, Ons Heem 27(2-3): 108-115.

 

 

jeux de tir

 

Bailleul B, 1994, De vier Gentse hoofdgilden, Sint-Joris, Sint-Sebastiaan, Sint-Antonius en Sint-Michiel: zeven eeuwen traditie van waken, feesten en teren, Gent: Snoeck-Ducaju, 120 p.

De Vis H, 1929, De folklore van de schutters, Eigen Schoon en de Brabander 12: 231-239.

De Vroede E, 1995, Popinjay shooting in Flanders: tradition and innovation, in Pfister G; Niewerth T; Steins G (eds), Spiele der Welt im Spannungsfeld von Tradition und Moderne - Les jeux du monde entre tradition et modernité - Games of the World between Tradition and Modernity, Proceedings of the 2nd ISHPES Congress Games of the World - the World of Games, Berlin 1993, Berlin: Academia, part 1: p. 157-163.

Devyt C, 1956, Het schieten van de papegaai op de Brugse stadsmolens, Biekorf 57: 161-169.

Ernalsteen J, 1929, Toestand der schuttersgilden in de provincie Antwerpen ten jaar 1834, Oudheid en Kunst 20: 89-123.

Ernalsteen J, 1934, Toestand der schuttersgilden in de provincie Antwerpen ten jaar 1934, Antwerpen: s.n.

Ernalsteen J, 1962-1967, Kempische Schuttersgilden. Dokumentatie - Oudheid en kunst 45: 7-128; 46: 1-48; 47: 7-85; 50: 1-59.

Frère J; Frère M; 1960, Limburgse schuttersgilden - Het oude Land van Loon 15: 4-43.

Ising A, 1983, Met vliegend vaandel en slaande trom, Hapert: De Kempen, 248 p.

Ising A, 1986, Brabantse schuttersgilden vroeger en nu, Maasbree: De Lijster, 207 p.

Jansen JE, 1948, De Oude schuttersgilden in de Antwerpse Kempen - Taxandria N.R. 21(1):20-28; (2): 28-32.

Jorissen R, 1957, Bibliografie van de Limburgse Schutterijen, Limburg 36(8-9): 228-236.

Lauwers J, 1993, Schetsen uit het Brabantse gildeleven, Eigen Schoon en De Brabander, 76: 99‑114.

Peeters KC, 1936, De diepere betekenis van het Kempische Gildewezen, Oostvlaamsche Zanten 11: 33-47.

Reintges Theo, 1963, Ursprung und Wezen der Spätmittelalterlichen Schützengilden (Rheinisches Archiv - Veröffentlichungen des Instituts für geschichtliche Landeskunde der Rheinlande an der Universität Bonn, 58), Bonn, 384 p.

Renson R, 1976, The Flemisch (sic) archery gilds from defens mechanisms to sports institutions, in Renson R; De Nayer PP; Ostyn M (eds), The history, the evolution and diffusion of sports and games in different cultures, Brussel: BLOSO, 135-159.

Sacre M, 1929-1930, De voormalige Dorpsschuttersgilden in Vlaamsch-Brabant, Eigen Schoon en de Brabander 12: 144-216.

Sacre M, 1933-1934, De voormalige Dorpsschuttersgilden in Vlaamsch-Brabant. Arrondissement Leuven, Eigen Schoon en de Brabander 16: 1-12; 70-73; 140-143;240-245.

Sacre M, 1929, De voormalige Dorpsschuttersgilden in Vlaamsch-Brabant. Eerste deel: Arrondissement Brussel, Merchtem: Sacre-De Buyst , 72 p.

Sacre M, 1934, De voormalige Dorpsschuttersgilden in Vlaamsch-Brabant. Tweede deel: Arrondissement Leuven, Merchtem: Sacre-De Buyst, 73-112.

Van Autenboer E, 1993-94, De kaarten van de schuttersgilden van het Hertogdom Brabant (1300-1800), (Bijdragen tot de geschiedenis van het Zuiden van Nederland 96), Tilburg: Stichting Zuidelijk Historissch Contact, 2 vol.

Van Autenboer E, 1996-2002, De Schutterswedstrijden der Brabantse Gilden (1300-1600): beelden uit onze volkscultuur, Turnhout: Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring der Antwerpsche Kempen, 417 p.

Van Autenboer E, 2002, Schutterswedstrijden in de 17de en 18de eeuw, Turnhout: Stadsarchief, 190 p.

Van Loffeld F, 1984, Van Huyslieden tot schutten: Limburgse schutterijen, Maasmechelen: V.V.V., 159 p.

Vanheule L, 1974, De schuttersgilden in de Westhoek, Bachten de Kupe (jubileumuitgave): 197-255.

 

 

jeux de locomotion

 

De Bruyne L, 1927, De Naamsche steltenlopers, Toerisme, Veertiendaags orgaan van den Vlaamschen Toeristenbond 6: 422-424.

De Greef E, 1973, De Merchtemse steltlopers in de folklore, Brabantse Folklore: 59-68.

Leye J, 1998, Het avontuur van het land- en strandzeilen - L’aventure du char à voile - The adventure of sand and land yachting, Brugge: Stichting Kunstboek, 128 p.

Van Den Broeck E, 1959, De Steltenlopers van Merchtem, Eigen Schoon en de Brabander 42: 355-362.